Interviews / Een interview met Hans Veerman

Een interview met Hans Veerman

Een interview van Sjef van Rooij.
Synopsis, november 1986.

Nadat wij in een vorige editie kennis maakten met Hans Karsenbarg, is nu de beurt aan de andere Hans uit de hoorspelkern, hoewel deze term enigszins misleidend is, aangezien de kern per 1 juli 1986 is opgeheven. Hans Veerman behoort tot de groep mensen, die aan het eind van de jaren vijftig deelnamen aan de door de NRU opgezette hoorspelopleiding.

 

Hans: "Destijds zijn er drie cursussen geweest en ik maakte deel uit van de eerste groep." Andere bekende namen zijn Corry van der Linden, Barbara Hoffmann, Dick van 't Sant, Donald de Marcas en Irene Poorter. De cursus was bepaald niet eenvoudig, want zeker een derde van de cursisten die er aan begon, maakte de opleiding niet af, "Zij ervoeren dat het hoorspel iets meer is dan een tekst van een briefje aflezen."

 

De opleiding die leidde tot een contract bij de NRU als hoorspelacteur in 1968 was niet de de eerste kennismaking van Hans met de radio. "Als klein kind was ik lid van een kinderkoor dat meewerkte aan programma's voor de Wereldomroep. In die dagen speelde ik ook piano en kreeg kleine rolletjes toebedeeld en zo ontmoete ik in die dagen mensen als Eva Janssen, Jan van Ees en Louis de Bree. Toen ik na mijn militaire dienst, als zoon van een bakker, besloot te reageren op een advertentie voor een hoorspelopleiding, keerde ik in zekere zin terug naar een omgeving die mij zeker niet vreemd was. Wij werden ook zeer goed ontvangen door de toenmalige hoorspelkern die blij was met de komst van jongeren."

 

Ofschoon wij Hans Veerman kennen als een hoorspelacteur bij uitstek, is hij al vrij snel zijn werkterrein gaan uitbreiden: "In de beginjaren speelde ik mee in allerlei toneelgezelschappen. We speelden voornamelijk blijspelen, want die verkochten het best, en traden daarmee op voor politiebonden, vrouwenverenigingen etc."

 

Doordat het acteren in hoorspelen wat betreft de kwantiteit afneemt, houdt Hans zich bezig me talrijke andere zaken. Zo speelde hij bij het toneelgezelschap "Theater" uit Arnhem in het stuk "De dood van een handelsreiziger" en werkt hij regelmatig mee aan poëzie-programma's en schoolradio-uitzendingen. Verder was hij te zien in vele film, zoals "Spetters", "Twee vrouwen", "Het teken van het beest" en "De vierde man", om maar eens een paar te noemen. Ook werkt hij mee aan de TROS-televisie serie "Dossier Verhulst, een serie a la "Herengracht 10".

 

Ondanks al deze activiteiten blijft het hoorspel voor Hans een aantrekkelijk gebeuren. "In een korte tijd krijg je te maken met zeer uiteenlopende rollen. nu eens zit je in de middeleeuwen, even later weer in de verre toekomst, waardoor je emoties en gevoelens doormaakt, die je in het dagelijksleven nooit zou kunnen beleven."

 

Zijn er in dit verband hoorspelen waaraan hij met bijzondere herinneringen terugdenkt? "Iedere omroep heeft zo zijn repertoire. De VARA maakt van oudsher veel oorspronkelijke producties en sociaal drama. Ik denk dan ook met veel plezier terug aan de spelen van Walda, die ook speciaal voor mij zijn geschreven. Voor wat de NCRV betreft, denk ik met veel genoegen terug aan de Middelnederlandse producties. Ook goede herinneringen bewaar ik aan de literaire producties van de KRO, zoals Shakespeare's toneelstukken. Ik heb ook graag meegewerkt aan de wat meer amuserende hoorspelen van de AVRO en de TROS, hoewel de laatstgenoemde omroep zich steeds meer bezig houdt met bewerkingen uit de wereldliteratuur, wat ik zeer waardeer.

 

Een fragment uit: De levensboom.

 

 

We vroegen Hans naar zijn visie over de stand van zaken wat de productie van hoorspelen betreft. "Er worden nog steeds veel hoorspelen gemaakt. Alleen duren zij veel korter dan vroeger, en is ook de rolverdeling kleiner geworden. Ik ben niet ontevreden, maar we moeten ontzettend waakzaam zijn, want er zijn altijd wel mensen die om financiële redenen op het hoorspel willen bezuinigen. We zijn in dit verband erg afhankelijk van de diverse hoorspelregisseurs en dramaturgen, die overigens steeds binnen hun eigen omroep moeten vechten om de positie van het hoorspel te behouden.

 

Hans heeft in zijn leven al heel wat verschillende rollen gespeeld. Hoe oud of hoe jong kan hij zijn in een hoorspel? "Veel mensen denken dat met het veranderen van de stem ook de leeftijd van de rollen die je krijgt, verandert, maar dat is helemaal niet zo. Ik kan rollen spelen in de leeftijdscategorie van 25 tot 65 jaar, mits de tekst ook maar een weergave is van iemand van die leeftijd. Ik zou nog wel iemand van 80 jaar oud kunnen spelen, maar zoiets moet ik dan echt maken en mijn voorkeur gaat zeker niet uit naar rollen boven de 65 jaar oud."

 

Hans heeft als acteur ook vele accenten gebruikt. Zo speelde hij in het verleden Duitsers, Fransen, Spanjaarden, Engelsen en Amerikanen. Zijn voorkeur gaat uit naar het Engelstalige accent. Dat hij een zeer goede Engelstalige accent heeft, moge blijken uit het feit, dat hij een rol kreeg toebedeeld in de Amerikaanse film "Flesh and blood".

 

Dat Hans zijn vak zeer serieus beoefent, mag wel blijken uit het volgende: Hans: "Op zekere dag kreeg ik een hoorspel van DIck Walda thuis gestuurd, waarin een Turkse gastarbeider speelde. Om te voorkomen dat je een soort "Zwarte Piet-" accent krijgt - hetgeen zeer discriminerend is - besloot ik contact te zoeken met Turkse mensen met wie ik een avond lang een gesprek voerde, waardoor ik een goed beeld kreeg van de wijze waarop een Turk het Nederlands uitspreekt."

 

Zoals waarschijnlijk bekent is, hebben wij in Nederland die hoorspelstudio's, namelijk bij de KRO, NCRV en VARA. Verschillen deze studio's van elkaar? "Zeker, er is verschil. De VARA-studio heeft een grote speelruimte en het geluid in de alkoof is heel mooi. Ik ken er precies de plekken waar je de meest natuurlijke buitengeluiden kunt maken. De studio, evenmin als het gebouw, is echter niet zo sfeervol. Wat dat betreft ademt de KRO-studio een prettiger sfeer uit. In deze kleine studio is de speelruimte veel kleiner, en overheerst de techniek. De NCRV-studio wordt momenteel verbouwd, en zal worden voorzien van de nieuwste technische snufjes. Alle studio's zijn goed, maar ik heb zelf een lichte voorkeur voor de VARA-studio."

 

Krijgt Hans vaak reacties naar aanleiding van hoorspelen? "Niet zo vaak, meestal wordt er bij de omroep gereageerd. En als men je op een bepaalde rol aanspreekt, moet je toch meestal vaststellen, dat je nauwelijks meer weet wat voor rol dat ook al weer was. Je speelt in een korte tijd ontzettend veel verschillende rollen. Uiteraard is het wel aardig wanneer mensen reageren, want iedereen vindt het denk ik fijn om goede reacties op zijn of haar werk te krijgen."

 

Luistert hij vaak naar buitenlandse hoorspelen? "Als iemand mij een tip geeft, probeer ik te luisteren. Maar over het algemeen luister ik weinig. In Duitsland wordt het hoorspel zeer serieus genomen. Er verschijnen ook regelmatig studies over het hoorspel. In Engeland en bij sommige Amerikaanse radiostations staat het hoorspel hoog aangeschreven. Wij hebben in Nederland meer de behoefte aan onderzoek naar nieuwe vormen en experimenten. Helaas is de NOS - die dat zou kunnen doen - beperkt in haar bewegingsvrijheid, omdat zij ten aanzien van de andere omroepen geen oneigenlijke concurrentie mag bedrijven. Vandaar dat de NOS zich wat terughoudend opstelt."

 

Hans ziet wel degelijk kansen voor het hoorspel in de toekomst: "Wanneer de luisteraar verbonden blijft met het hoorspel, zullen wij blijven proberen uw oren te verwennen en u mee te nemen naar allerlei plaatsen."

 

Rest mij nog Hans te bedanken voor de tijd die hij vrij wilde maken voor dit interview, tussen de opnamen van het hoorspel "Het stenenbruidsbed" door.

 

Een fragment uit: Het stenenbruidsbed.

 


Een interview van Sjef van Rooij.
Synopsis, november 1986.

Vermenigvuldiging of verspreiding van de hele of gedeeltelijke inhoud van deze pagina, is zonder voorafgaande schriftelijke toestemming niet toegestaan.
© Synopsis