Home / De smidse aan de driesprong

De smidse aan de driesprong

Op de deur van de grote smidse even buiten het dorpje Brmomova aan de Doesa staat de duivel geschilderd. Als de zoon van de smid op een dag die duivel beledigt, verschijnt hij in hoogst eigen persoon, zwart en met vurige ogen, in de smidse. Hij komt als leerling en neemt wraak als de smid voor een boodschap naar de rechter is.


De duivel smeedt de oude vrouw van de rechter om tot een jonge bekoorlijke vrouw. Maar hij maakt een fout: hij heeft haar alleen van buiten jong gemaakt, haar herinneringen blijven oud en pijnlijk. De rechtersvrouw haalt haar man over om zich door de smid zelf jong te laten maken: "Zeker wordt dan ook je hart jong en door jouw hart misschien het mijne."


Hoe het afloopt? Dat is het geheim van de smid. En dat geheim zit een beetje in de woorden van de koetsier van de rechter: "Er moeten oude en jonge mensen zijn. Dat is juist het mooie van de wereld, dat oud en jong zo door elkaar lopen." De oude rechter komt in jonge gedaante tot de ontdekking dat hij gek is geweest om een ellendig leven weer van voor af aan te willen beginnen.



Rolverdeling.

Paul van der Lek de verteller
John Soer de duivel
Hans Karsenbarg de smid
Huib Orizand de rechter
Hans Veerman de koetsier
Eva Janssen vrouw van de rechter
Harry Bronk een soldaat
Jan Wegter een soldaat
Paula Majoor  
Josée Ruiter  
Martin Simonis  


Aanvullende gegevens.

Auteur: H. Wolfenbuttel-van Rooijen
Regie: Harry de Garde
Omroep: KRO
Uitzending: 6 augustus 1971
Speelduur: 54 minuten
Categorie: Sprookjes