Home / Flitsen & fratsen

Flitsen & fratsen

Pé Hawinkels verraste nog niet zo lang geleden met een voortreffelijke vertaling van Sophocles' Antigone. Hij verzorgde ook vertalingen van werk van onder andere Nietzsche, Thomas Mann en Herman Hesse. Wat het hoorspel "Autobiografische flitsen & fratsen", betreft: deze behelst het tweede hoofdstuk van het boekje van dezelfde naam dat in 1969 het licht zag bij de uitgeverij De Arbeiderspers te Amsterdam.


"Flitsen" slaat dan waarschijnlijk op de caleidoscopische serie van flitsende feiten, feitjes, anekdoten, episoden, vluchtige ontmoetingen, over en door elkaar heen buitenlende jeugdherinneringen. "Fratsen" slaat dan wel op zijn geraffineerd stoeien tot in het parodieke toe met de syntaxis; hij jongleert met allerlei volzinnen en bijzinnen, waarvan ik u de wetenschappelijke benamingen zal onthouden, met periodes en frases, kortom hij treedt op als een syntaxcrobaat die bovendien nog strooit met synoniemen als confetti, waarbij hij doet denken aan Rabelais.


Toch is dit fragment meer dan louter spottende virtuositeit; er schuilt soms een sterke lyriek in deze cascade van woorden en het slot, de dood van de grootmoeder, is van een franjeloze dramatiek. Er is getracht een stereofonische zinsontleding toe te passen, maar ook voor de monoluisteraar zal dit fragment, door de manier waarop Ton van Duinhoven het brengt, hopelijk een kostelijke beleving zijn.



Rolverdeling.

Ton van Duinhoven


Aanvullende gegevens.

Auteur: Pé Hawinkels
Regie: Willem Tollenaar
Omroep: KRO
Uitzending: 12 oktober 1971
Speelduur: 46 minuten
Categorie: Monoloog

Titel volgens de radiogids: Autobiografische flitsen & fratsen.